|
Verdere bijdragen van het MWGFD-perssymposium over 5G, 6G … van 2 mei 2026: (met prof. dr. Werner Bergholz, prof. dr. Klaus Buchner, dr. Claus Scheingraber en filmmaker Klaus Scheidsteger) https://www.mwgfd.org/2026/03/pressesymposium-5g6g-immer-weiter-so/ Een Compilatie van Kla.TV (NL): https://www.kla.tv/41690 6261 Onderzoeken en wetenschappelijke artikelen over schade door mobiele telefonie (DE): https://www.vetopedia.org/de/mobilfunk-studien |
|---|
Voer een zoekterm in of gebruik de alfabetische sortering
Tekst uitzending
download
31.07.2026 | www.kla.tv/42081
Teaser: Professor Hecht, de helaas reeds overleden professor Hecht, zei al 15 jaar geleden: Een onderscheid tussen ioniserende*1 en niet-ioniserende*2 straling is niet langer gerechtvaardigd. De letselschade is namelijk hetzelfde. Het is slechts een kwestie van tijd. Dr. Ronald Weikl: Nu wil ik de volgende spreker voorstellen, mijn collega dr. med. tandarts Claus Scheingraber, tandarts en elektrobioloog. En Claus Scheingraber heeft in München mineralogie en tandheelkunde gestudeerd. Hij heeft zijn studie gefinancierd door als verpleegkundige te werken. Hij is sinds 1977 tandarts en heeft van 1981 tot 2018 in zijn eigen praktijk gewerkt. Zijn aandacht ging altijd uit naar holistische en biologische tandheelkunde, en naar het vermijden en elimineren van giftige stoffen bij tandheelkundige behandelingen, zoals amalgaam en dergelijke. Daarnaast heeft hij zich ook op sociaal vlak ingezet voor de tandheelkundige zorg in diverse verzorgings- en woontehuizen in de regio München. En bovendien heeft hij naam gemaakt als bouwbioloog. In 1990 heeft hij zijn eigen adviesbureau op het gebied van bouwkunde en elektrobiologie opgericht, met als specialisatie fysieke milieubelasting. Hier heeft hij vervolgens onderzoek gedaan naar woon- en werkplekken. Hij is een van de oprichters van de Arbeitskreis Elektrobiologie e. V., die in 1986 is opgericht. En sinds 1991 is hij de eerste voorzitter van deze belangrijke vereniging, afgekort AEB. Hij heeft verschillende eigen artikelen gepubliceerd in vakbladen over elektrobiologie en bouwbiologie. Hij heeft aan binnen- en buitenlandse universiteiten, hogescholen, volksuniversiteiten en andere instellingen voor volwassenenonderwijs colleges en lezingen gegeven over elektrobiologie en milieugeneeskunde, en heeft ook particulier onderzoek verricht naar de effecten van elektromagnetische velden op mens en milieu. Van 2011 tot 2025 was hij lid van de DGUHT*3 en voorzitter van de werkgroep Fysieke Milieubelastingen. Sinds 2016 is hij lid van EuroPAM*4. En in 2002 was hij een van de initiatiefnemers van het Freiburger Appel en andere oproepen over de omgang met mobiele telefonie en elektromagnetische velden. In 2014 ontving hij vervolgens de EVA, de Elektrosmog-Vorsorge-Award, voor zijn inzet tegen fysieke milieuvervuiling. En sinds 2020 werkt hij aan zijn boekproject: "Elektrobiologie", ... wanneer zal dat af zijn? Dat ga je straks waarschijnlijk wel vertellen. Zijn doel is altijd dat elektrohypersensitiviteit als milieubelasting wordt erkend. Hij pleit ervoor dat de grenswaarden worden verlaagd en dat er voorzorg waarden worden ingevoerd met het oog op preventieve gezondheidsbescherming. En hij is er ook voorstander van dat er aan onderwijsinstellingen vakgebieden worden ingesteld, zoals fysieke belasting binnen de milieugeneeskunde… dat soort zaken. En tot onze grote vreugde is het ons gelukt hem voor het evenement van vandaag te motiveren. We hebben elkaar ook in de context van de coronacrisis in 2020 en 2021 leren kennen. En ik ben blij, beste Claus, dat je vandaag aanwezig bent op het perssymposium en je expertise inbrengt. En ik kan alle toehoorders nu nieuwsgierig maken naar je lezing over mobiele telefonie en de verhoogde gezondheidsrisico’s van 5G. Het woord is aan jou, beste Claus. Dr. Claus Scheingraber: Beste Ronny, hartelijk dank voor de inleiding. Geachte dames en heren, met mijn lezing van vandaag wil ik u informeren over de fysieke en gezondheidsproblemen die mobiele telefonie met zich meebrengt, met speciale aandacht voor het onderwerp 5G. Professor Bergholz heeft het al treffend uitgelegd. Waarom hebben we 5G nodig? Het gaat uiteindelijk om de latentietijd, de overdracht van de signalen van de sensor naar het uitvoerende orgaan. Op dit moment gaat het nog om milliseconden. Het millisecondenbereik is veel te traag om uiteindelijk autonoom rijden en de autonome besturing van apparaten probleemloos te kunnen realiseren. Daarom hebben we 5G nodig, en zelfs 5G is niet voldoende. 6G is al in ontwikkeling en zal na de jaren ’30 het 5G-netwerk vervangen. Als we het over mobiele telefonie hebben, moeten we ons allereerst ook buigen over de veldsterktes en de energiedichtheden die daarmee gepaard gaan. De huidige grenswaarde, die is vastgesteld in de 26e verordening inzake emissiebescherming van de Duitse regering, bedraagt 61 V/m. Of, zoals de heer Buchner al treffend heeft opgemerkt, we hebben iets minder dan 10 watt per vierkante meter. De waarden worden hier in milliwatt weergegeven, omdat het om biologische hoeveelheden gaat. Aangezien professor Bergholz terecht heeft opgemerkt dat de demping van hoogfrequente golven in het gigahertz-bereik aanzienlijk groter is dan in het megahertz-bereik, hebben we ofwel meer zendinstallaties nodig, ofwel een groter bereik. De ICNIRP overweegt of de veldsterkte en daarmee de grenswaarde moeten worden verhoogd tot 120 V/m. Kijk alstublieft naar de overige regels. Dat wil zeggen: van 10 watt per vierkante meter betekent dit voor het lichaam een toename tot 40 watt per vierkante meter. Onverantwoord ten aanzien van de menselijke biologie en de menselijke gezondheid. Tja, hoe zit het nu eigenlijk? Hoeveel zendmasten hebben we eigenlijk nodig in de Bondsrepubliek als we onze bevolking overal van 5G willen voorzien? In dit verband is een vergelijking met China op zijn plaats. Shenzhen, een grote stad met 13 miljoen inwoners, heeft 35.000 zendinstallaties nodig om de stad van voldoende 5G te voorzien. Duitsland telt 84 miljoen inwoners. Voor de levering van 3G- en 4G-diensten via de bestaande netwerken waren 72.000 locaties nodig, stand 2019. Als 5G volledig wordt uitgerold, zijn er meer dan 300.000 zendinstallaties nodig, op dit moment zijn dat er 222.000. We zullen dus binnenkort de zendstand van 300.000 bereiken. Overigens wordt bij 6G een verdere toename van het aantal installaties verwacht. Het zal zo ver komen dat er onder elk putdeksel, in elke elektriciteitskast, op elke straatlantaarn en op elk verkeerslicht een zendinstallatie zit. Dat is het vooruitzicht voor 2030 en daarna. Ik kan alleen maar zeggen: vanuit mijn oogpunt, proost, op wat er gaat komen. Ja, zijn er alternatieven voor radiocommunicatie? Dan moet ik zeggen: ja en nee. We moeten een onderscheid maken. Industrie, bedrijfsleven en overheid is niet mogelijk. Want voor de industrie en het bedrijfsleven geldt, zoals reeds uiteengezet, dat er een kortere latentietijd nodig is, die in het micro- of misschien later bij 6G zelfs in het nanosecondenbereik zal liggen. Wat hier niet op de dia staat: heel belangrijk, en het leger zet zich hier heel sterk voor in. Want het valt in één zin samen te vatten. Wie sneller schiet, leeft langer. Maar men vermijdt het natuurlijk bewust om de bevolking te vertellen dat het leger een belangrijke drijvende kracht achter deze technologie is. Ja, op particulier vlak zijn er voor de bevolking zeker alternatieven mogelijk. Bovenal zou men, zoals ik zojuist al zei, de privécommunicatie binnenshuis met 90 % kunnen verminderen door Wifi te vervangen door LAN-netwerken, dat wil zeggen door kabelnetwerken, en de gewone communicatie via mobiele telefoons of draadloze telefoons te vervangen door lichtcommunicatie. Zoals bekend dringt licht niet door muren heen. Technisch gezien is alles al voorbereid, ontwikkeld en op de markt gebracht. Het wordt echter om bewuste redenen niet ingevoerd. Ja, ik laat nu een vergroting zien van de afbeelding die professor Bergholz al heeft laten zien. De rechter dia is naar mijn mening erg belangrijk. De mobiele-telefoniesector wil ons namelijk doen geloven dat er in het bereik van tientallen gigahertz geen sprake meer is van het doordringen van microgolven in het lichaam. Daarom vraag ik u om nu even naar het zwarte vakje links te kijken. Als u de tekst daar hebt gelezen, zult u merken dat professor Alexander Pressmann al in de jaren ’70 proeven met ratten heeft uitgevoerd om vast te stellen welke dosis nodig is om een LD50 te bereiken. LD50 (letale dosis) betekent dodelijke dosis. Dit is een maatstaf die in de natuurkunde, scheikunde en andere vakgebieden als gelijkwaardig wordt beschouwd. Wanneer 50 % van de proefdieren is gestorven, is de maximale toxiciteit bereikt en wordt het experiment stopgezet. Laten we eens naar de waarden kijken. Bij 40 MHz was 20 W/m² nodig om uiteindelijk de helft van de proefdieren te doden. Bij 40 GHz was dat nog maar 40 mW/m². Als u nu eens de afbeelding rechts met het vakje links vergelijkt, dan ontstaat er hier een discrepantie die niet met elkaar in overeenstemming te brengen is. En daar willen we wat dieper op ingaan. Zoals professor Bergholz het treffend heeft uitgelegd, is het de energie die door een elektromagnetische golf wordt overgedragen. Dat elektromagnetische golven energie overbrengen, is bij elke huisvrouw bekend, bijvoorbeeld door het bereiden van voedsel in een magnetron. Nou, daar hoeven we niet verder op in te gaan. Welke EM-golf richt dan de meeste schade aan? Ja, iedereen kent zonnebrand. Het golflengtebereik van zonnebrand, oftewel UVB-licht, ligt tussen 315 µm en 280 µm (in het micrometerbereik). Als we naar het frequentiebereik kijken, dan ligt dit tussen 900 en 1000 Terra hertz (THz). De penetratiediepte bedraagt nog maar enkele micrometers. Als we de penetratiediepte tussen 500 megahertz (MHz) en 2,4 (GHz) vergelijken, bedraagt deze nog steeds 1,5 en 0,5 centimeter. Welnu, de bewering van de industrie dat microgolven in het gigahertz-bereik geen schadelijke gevolgen voor ons zouden hebben, is volslagen onzin en biologisch gezien onverantwoord. Ja, waar moeten we dan rekening mee houden als we ervan uitgaan dat elektromagnetische golven gevaarlijk zijn? Allereerst: de dosis is een doorslaggevende factor. De dosis is uiteindelijk niets anders dan intensiteit maal tijd. Professor Hecht, de helaas reeds overleden professor Hecht, zei al 15 jaar geleden: Een onderscheid tussen ioniserende straling en niet-ioniserende straling is niet langer gerechtvaardigd. De schade is namelijk hetzelfde. Het is slechts een kwestie van tijd. Als ik een hoge dosis heb, heb ik maar weinig tijd nodig om biologische en gezondheidsschade te veroorzaken. Als ik een lage dosis heb, dan duurt het lang, soms zelfs tientallen jaren. Onderbouwde informatie: "That is watt i like" Vergeet niet de bel te klikken en abonneer je Maar zoals gezegd zijn er nog andere factoren die tegenwoordig deels buiten beschouwing worden gelaten en die veel wetenschappers ook niet willen onderzoeken. De eerste drie begrippen, frequentie, golflengte en vermogensstroomdichtheid, worden in feite gekarakteriseerd door de dosis. Maar het is net zo belangrijk om te kijken naar het type modulatie, gepulseerd of niet-gepulseerd, de frequentiebandbreedte, zoals professor Bergholz het treffend heeft uitgelegd, de pulsfrequentie, de polarisatie, of de golf nu meer verticaal of horizontaal is, wat ons meer raakt tijdens de slaap of wanneer we staan, zo ongeveer, en de stijgsnelheid van een signaal. Hoe snel, hoeveel dB wordt er in milliseconden bereikt? Het is bekend dat de wetenschap zelfs vandaag de dag nog gebruikmaakt van hoogfrequente gaten in membranen, en dat zou dan zogenaamd niet schadelijk zijn. Zo stelde professor Silny, in 1995, op basis van zijn lezingen al het volgende: Een hoogfrequente golf die het lichaam binnendringt, wordt gedempt. De golflengte en de verspreidingssnelheid veranderen daarbij. Hij kon het helaas niet in cijfers uitdrukken, de AEB heeft geprobeerd dat voor elkaar te krijgen. Hier ziet u een grafiek. We hebben onszelf als proefpersonen gebruikt en een frequentiebereik van 400 MHz tot 2,2 GHz doorlopen. En daarbij hebben we vastgesteld dat 90 % van de straling wordt geabsorbeerd in het bereik van 400 MHz tot 900 MHz, en in het bereik van 900 tot 2.000 MHz. Dat is 99 % en tussen 2.000 en 3.000 MHz is dat zelfs 99,9 %. Dat betekent dat hoe hoger en hoe frequenter de golf wordt, hoe intenser deze in ons lichaam blijft en daarmee ook op de energie die op ons lichaam en onze cellen inwerkt. En professor Buchner heeft het treffend verwoord: het eigenlijke vernietigingsprincipe is de destabilisatie van het celmembraan. Als het celmembraan het evenwicht tussen binnen en buiten niet meer kan handhaven, ontstaat er cel beschadiging. En dan begint de ziekte. Ja, maar ook professor dr. Klaus von Klitzing heeft al in 1999 experimenten uitgevoerd: Wat is uiteindelijk het effect van mobiele straling op onze hersenen? En hier ziet u twee grafieken. De afbeelding links toont een gezonde, jonge persoon die goed slaapt in een ruimte zonder mobiele telefoons, in een veldvrije ruimte. De afbeelding rechts toont dezelfde proefpersoon die werd blootgesteld aan een mobiele-telefoonfrequentie, maar dan slechts drie minuten en met slechts 1 μW/m², dus een zeer lage vermogensdichtheid. Op de afbeelding rechts ziet u een reusachtig signaal bij 10 hertz. In de EEG is 10 Hertz het signaal dat kenmerkend is voor een patiënt die uit de slaap ontwaakt. Deze patiënt zal de volgende dag zeggen dat hij slecht heeft geslapen. Nou ja, slecht slapen maakt je nog niet ziek. Maar als u jarenlang slecht slaapt, heeft dat natuurlijk gevolgen. En dat hebben we geprobeerd vast te leggen aan de hand van nachtelijke slaapprofielen. De AEB heeft jarenlang bij een groot aantal mensen onderzocht hoe hun slaapprofielen eruitzien. Ik heb helaas geen tijd om u het slaapprofiel in detail uit te leggen. Maar ik wil u alleen dit zeggen: er zijn vijf slaapfasen, van waakfase 1 tot en met fase 5. In deze periode wisselt onze slaapfase uiteindelijk heen en weer. In het midden van de slaapperiode worden de diepe slaapfasen minder diep. Er treden alleen nog maar gemiddelde slaapfasen op. En tijdens de ontwaakfase zijn het eigenlijk alleen nog maar oppervlakkige slaapfasen. En dan komen vooral REM-fasen voor. Deze afbeelding toont een gezond persoon die zonder elektromagnetische velden slaapt. En nu laat ik u de foto zien van een dodelijk zieke persoon. Ik denk dat ik u, zelfs als leek, niet hoef uit te leggen dat dit slaapprofiel niets meer te maken heeft met wat eerder werd getoond. Niets is meer hetzelfde. Er is geen diepe slaapfase meer. Er zijn nu alleen nog maar slaapfasen tussen de waakfase en de diepe slaapfase. Dat noemt men zelfs "regulatiestijfheid". Zoiets kun je ook waarnemen bij HRV, oftewel de hartslagvariabiliteit. Deze foto is levensgevaarlijk. Ik zeg het niet graag, maar ik zeg het nu voor het eerst in het openbaar. Een deel van deze patiënten is binnen een half jaar overleden. Ja, de invloed van 5G-straling op het bloed. Omwille van tijdgebrek wil ik hier niet ingaan op de afzonderlijke onderzoeken. Ik wil u alleen maar laten zien dat er genoeg onderzoeken zijn. U kunt ze allemaal zelf op internet nalezen. Ik wil u laten zien wat de gevolgen daarvan zijn. Dit is een Amerikaans onderzoek, en wel naar onderzoeken die zijn uitgevoerd vóór de invoering van draadloze meetapparatuur, in dit geval elektriciteitsmeters. Er was eerder bloed afgenomen bij de mensen en dat bloed was onderzocht, met name de erytrocyten. Namelijk of er een morfologische verandering in deze bloedcellen heeft plaatsgevonden. U ziet de bovenste rij vóór de opname. Onder de donkerveldmicroscoop ziet u mooie, ronde erytrocyten, oftewel rode bloedcellen. Vervolgens werden de radiometrische meetapparaten ingebouwd en daarna werd er opnieuw bloed bij hen afgenomen. Kijk nu eens naar de onderste rij. Dat betekent dat de ronding is verdwenen, dat de celwand gedeeltelijk openbarst en dat we op de afbeelding helemaal rechts de vorming van geldrollen zien. Dat is misschien wel een volstrekt pathologische bevinding. De vorming van "geldrolletjes" wijst ook op een verhoogd risico op een hartaanval. Ja, de invloed van 5G-straling op de onderzoeken. Ik wil niet nader ingaan op de folie, dat zou me alleen maar tijd kosten. U kunt alles zelf op internet opzoeken en nakijken, en vervolgens zelf een oordeel vellen. Een belangrijk onderzoek dat ik toch graag in detail wil bespreken, is afkomstig uit Salford, namelijk uit 2003. Hij heeft ratten onderzocht en wilde nagaan welke gevolgen bestraling heeft. Hij heeft ratten met drie verschillende doses bestraald en ze daarna onderzocht. Maar hij heeft iets bijzonders gedaan. Normaal gesproken worden bij dergelijke wetenschappelijke experimenten de ratten of muizen na afloop van de blootstelling gedood en worden hun hersenen of orgaanonderdelen onderzocht. En dan vind je natuurlijk niets. Waarom? Het is immers geen ioniserende straling. Salford kwam met het doorslaggevende idee. Hij zei dat je eigenlijk een zogenaamde degeneratietijd moet afwachten. Omdat het bij zwakke straling even duurt voordat er schade ontstaat. Dat is precies wat hij heeft gedaan. Hij heeft de ratten 50 dagen met rust gelaten. En dan ziet u ongeveer de afbeelding rechts. De afbeelding rechts. Hier ziet u de pathologische hersenen van ratten. Deze donkere vlekken zijn zogenaamde necrosehaarden. Dat zijn hersenbeschadigingen. Het is opmerkelijk dat er bij de ratten geen afwijkend gedrag aan het licht kwam. Hetzelfde kunt u ongetwijfeld ook bij mensen vaststellen. Ja. Vrijheid in onderzoek vind ik erg belangrijk. Ik heb een interessant interview met prof. Maike Mevissen kunnen lezen. Daar heeft een journalist (zo klein dat ik het zelf niet eens meer kan lezen), zoals gezegd, mevrouw prof. Mevissen vragen gesteld en haar geïnterviewd over haar onderzoek. U kunt het zelf wel zo’n beetje lezen. (Want voor mij is het …, mijn bril is niet meer sterk genoeg.) Dr. Weikl: Zal ik even helpen? Ik lees het even voor. Op de eerste vraag over vrijheid in onderzoek antwoordt de collega: "Wat me stoort, is dat instellingen, zoals het Duitse Federale Bureau voor Stralingsbescherming, voortdurend alles wegredeneren." Onderzoek is zeer politiek van aard en we worden steeds weer geconfronteerd met de opvatting dat er geen gezondheidsrisico’s mogen zijn. En dan is er nog een vraag over beïnvloeding. Ja, wat me het meest stoorde, was dat men ons voortdurend wilde voorschrijven hoe we ons werk moesten doen. De verantwoordelijke deskundige van de WHO wilde voor ons bepalen welke onderzoeken überhaupt in aanmerking kwamen voor de beoordeling. We moesten ons voortdurend verdedigen. En wat betreft de opzet van het onderzoek: ik weet maar één ding over dierstudies, namelijk dat je ze zo kunt opzetten dat je niets vindt door statistische ruis te creëren die relevante effecten maskeert. Dat is schokkend. Dr. Claus Scheingraber: Ik heb net gemerkt dat ik weer eens naar de oogarts moet; ik heb een bril met een sterker glas nodig. Ja, ik wil u nog een ander, belangrijk aspect van schadelijke stoffen schade voorstellen. En wel de synergie tussen de verschillende milieuverontreinigende stoffen. De oudste schadelijke stoffen die we kennen, zijn rook en asbest. Tegenwoordig zou men zeggen: microvezels. We weten allemaal dat iemand die 20 jaar lang heeft gerookt, een zes keer zo groot risico loopt om longkanker te krijgen. Wie twintig jaar lang zonder bescherming met microvezels heeft gewerkt, loopt een elf keer zo groot risico. Nu zou je kunnen denken dat als iemand beide risico’s heeft genomen, hij een 17 keer zo groot risico loopt. Nee, u heeft het vast al gelezen. Hij loopt een 60 keer groter risico om aan een van deze soorten tumoren te lijden. Met deze dia wil ik u iets laten zien; deze is eigenlijk afkomstig van professor Witte uit Oldenburg. Dit zijn de belangrijkste omgevingsfactoren/schadelijke stoffen die op ons inwerken. Hoe iemand hiermee omgaat, hangt deels ook af van de genetica. Er zijn mensen die zelf heel goed kunnen ontgiften, zonder medische of natuurgeneeskundige hulp in te schakelen. Er zijn echter mensen die helemaal niet kunnen ontgiften. Maar de gevolgen zijn in principe nitrosatieve of oxidatieve stress. Ik wil de zes belangrijkste punten samenvatten die er vandaag de dag voor zorgen dat wij mensen steeds zieker worden. Het gaat om de fysieke milieubelasting. Daartoe behoren niet alleen mobiele telefonie, maar uiteindelijk ook blootstelling aan laagfrequente en statische magnetische velden, geo-engineering en het beïnvloeden van het weer. Hier worden micro-aërosolen, giftige micro-aërosolen in Nanovorm, verspreid, die uiteindelijk op ons neerdalen en die we via ons voedsel weer binnenkrijgen. En dan ten slotte voedsel. Er wordt steeds meer gebruikgemaakt van gentechnologie… Juist nu wil de EU een verordening erdoor drukken die ervoor zorgt dat de samenstelling van genen in voedsel wordt verborgen, wat onverantwoord is. Dan de vaccinaties. Daarmee bedoel ik niet alleen het mRNA-vaccin, maar ook de klassieke vaccinaties. Als we bedenken dat hier giftige stoffen in zitten, zoals thiomersal, een giftige kwikverbinding, is dat onverantwoord. En tot slot natuurlijk chemische verontreiniging. Denk bijvoorbeeld aan insecticiden, bestrijdingsmiddelen en zelfs mechanische belasting. Dat zijn stofdeeltjes en microplastic. Microplastic in Nanovorm kan de cellen binnendringen. Al deze wisselwerkingen zullen ervoor zorgen, om het sarcastisch te zeggen, dat een sociaal aanvaardbare vroege uittreding wordt gewaarborgd. We naderen langzaam het einde van mijn lezing. Ik wil u nog een voorbeeld geven om te laten zien hoe belangrijk onderzoek naar milieuverontreinigende stoffen voor onze staat is. In Duitsland zijn er slechts tien instellingen die zich met dergelijke kwesties bezighouden. Maar als u de tweede regel al hebt gelezen, zult u merken dat er 163 onderzoeksinstituten op het gebied van genderstudies zijn. Nu vraag ik u: wat is eigenlijk belangrijker? Ach, u kunt zelf wel beoordelen hoeveel de gezondheid van de burgers onze staat waard is, namelijk niets. Ja, hier heb ik nogmaals een samenvatting. Om tijdredenen wil ik die niet in detail voorlezen. Hieronder staat de bron vermeld. U kunt deze uiteindelijk zelf nalezen en daaruit nog meer gedetailleerde informatie halen. Ja, de heer Weikl heeft me gevraagd nog een paar dingen te zeggen over preventie. Dus buiten kunt u eigenlijk helemaal niets vermijden, omdat de veldsterktes door technische antennes gewoon overal aanwezig zijn. Maar of u lang gezond blijft, hangt wel degelijk af van de manier waarop u met uw binnenmilieu omgaat. Ik merk vandaag de dag nog steeds dat de belangrijkste stralingsbronnen binnenshuis te vinden zijn, namelijk draadloze telefoons en Wifi. Mensen willen het vaak niet geloven. Ze komen me halen, dan voer ik de meting uit, en dan stel ik vast dat er van buitenaf misschien slechts een paar honderd microwatt binnenkomt, maar door de eigen stralingsbronnen, zoals Wifi en een draadloze telefoon, worden ze blootgesteld aan milliwatt aan straling. Als men de stralingsbelasting wilt verminderen, zou men eigenlijk eerst de stralingsbelasting binnenshuis moeten meten, voordat men buiten begint met het verminderen van de straling. Daarmee wil ik niet zeggen dat het niet wenselijk is om de straling van buitenaf aanzienlijk te verminderen. Ja, hiermee kom ik aan het einde van mijn lezing. Ik dank u voor uw aandacht. Ik weet dat er vragen rijzen. Ik sta dan uiteraard ter beschikking voor de discussie. Bedankt. 1: Toelichting: radioactieve straling 2: Bijv. straling van mobiele telefoons 3: Duitse Vereniging voor Milieu- en Humantoxicologie 4: Toelichting: EuroPAM is een project voor gegevensverzameling dat beoordelingen opstelt van de wettelijke en praktische maatregelen ter verbetering van de transparantie van het openbaar bestuur en de verantwoordingsplicht van de publieke sector.
van hm.